Crowdfunden om funderingsherstel te financieren blijkt moeilijk verhaal

Funderingen, je ziet ze niet, maar ze zijn onmisbaar. Helaas zijn ook funderingen aan slijtage onderhevig. Funderingsherstel komt dan ook af en toe voor. Geld vinden om het herstel te bekostigen, is echter niet zo makkelijk als je op voorhand zou denken.

Funderingsherstel is een ingewikkeld proces. Het is niet makkelijk om een fundering te vervangen of te repareren, terwijl je het huis laat staan. Vaak hebben meerdere woningen dezelfde fundering en moet men daarom samenwerken. Komt nog bij dat geld lenen bijna onmogelijk is. Banken houden al snel de hand op de knip. Maar hoe kom je toch aan geld? Zijn er andere opties? Crowdfunden bijvoorbeeld?
Bij crowdfunden wordt er geld geleend van de crowd, van de menigte dus. Het voordeel van crowdfunden is dat er geld van verschillende partijen bij elkaar kan worden gebracht. Vooral in de film en in de muziekwereld wordt al veel gebruik gemaakt van crowdfunden. Maar ook elders rukt crowdfunding op. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld aandeelhouderschap van omwonenden in een windmolen of een andere vorm van duurzame energie. Als het gaat om funderingsherstel komt crowdfunden echter nog niet van de grond. Daar zijn verschillende redenen voor.

AFM
Cracked brick wall - Deep crack in a brick wall - toned imageJe kunt je voorstellen dat als meerdere woningen dezelfde fundering hebben, de rijkere bewoners geld kunnen lenen aan de andere bewoners om het funderingsherstel te bekostigen. Dit zou een vorm van crowdfunden zijn. In de praktijk komt voor zover bekend niet voor. Er wordt gekozen voor een alternatief.
Komt nog bij dat crowdfunden niet meer zo makkelijk gaat als vroeger. De toezichthouder (de AFM) kijkt sinds een aantal jaar strenger naar crowdfunding. Ook deze vorm van financiering moet voldoen aan steeds meer wet en regelgeving. In principe moet het onmogelijk zijn om meer geld te krijgen via crowdfunden dan je zou krijgen via een gebruikelijk route. Men moet uitzoeken of er niet sprake is van overkreditering van de particulier.
Geldverstrekkers
Als er al sprake is van crowdfunding, blijkt dat het in de meeste gevallen gaat om slechts een (klein) deel van de totale geldsom die nodig is. De rest wordt bekostigd op andere manieren. Voor een particulier die geen lening krijgt bij de bank schiet dat natuurlijk niet op. Dan moet je alsnog op zoek naar een andere geldbron voor het resterende deel.
Helaas is crowdfunden om je funderingsherstel te bekostigen nog geen reële optie. Geldverstrekkers en banken blijven nodig. In volgende blogs een aantal tips over hoe je de kans kunt vergroten dat je een lening kunt afsluiten bij de bank als het gaat om funderingsherstel en wat je moet doen om die lening zo hoog mogelijk te laten uitpakken.

Kollage von Hnden mit verschiedenen Whrungen, Konzept crowdf

Geplaatst in crowdfunding, Fundering, Kluswoning, Onder water, Schuld, woning | Een reactie plaatsen

Nieuwe vermogensbelasting schiet doel voorbij

Kleine beleggers en spaarders gaan per 2017 minder belasting betalen, vermogende Nederlanders juist méér. De wijziging is geen vooruitgang.

De belasting op vermogen is al jaren een bron van ergernis. De Belastingdienst gaat ervan uit dat er over vermogen gemiddeld een voordeel –rente– behaald wordt van 4 procent. Over dit veronderstelde rendement betaalt de vermogensbezitter 30 procent belasting. Maar die 4 procent is een onrealistisch percentage in deze tijd van extreem lage spaarrentes. Dit systeem had al lang aangepast moeten worden. Weliswaar zijn de rendementen op de aandelenbeurzen de laatste jaren weer beter, maar vanwege de enorme beweeglijkheid van de koersen en de risico’s van beleggen houden veel particulieren –óók degenen met veel vermogen– het bij sparen.

Vorig jaar is bij het belastingplan van 2016 al opgemerkt dat de vermogensrendementsheffing in 2017 zal veranderen. Na verschillende arresten van de Hoge Raad begint moest er wat gaan gebeuren. Wat gaat er veranderen?

Het tarief blijft 30 procent over een fictief rendement, maar dit fictieve rendement staat niet meer vast op 4 procent. In plaats daarvan komen er drie vermogensstaffels met bij iedere staffel een bijbehorend fictief rendement. Ook gaat het vrijgestelde vermogen iets omhoog: van 24.437 naar 25.000 euro. Vermogens tot 75.000 euro betalen belasting over een fictief rendement van 2,9 procent. Tussen de 75.000 en de 975.000 euro over 4,7 procent, hoger dus dan de 4 procent van de afgelopen vijftien jaar. En vermogens boven de 975.000 euro gaan zelfs betalen over een fictief rendement van 5,5 procent. Het nieuwe systeem sluit aan bij het gemiddelde vermogen per vermogensklasse en het gemiddelde vijfjaarsrendement van sparen en beleggen. Het gaat ervan uit dat als je meer vermogen hebt, je minder spaart en meer belegt. Voor belastingplichtigen met een box-3-vermogen lager dan 245.000 euro levert de wijziging een belastingbesparing op. Belastingplichtigen met een hoger vermogen gaan juist meer belasting betalen.burning money

Persoonlijk vind ik deze wijziging geen vooruitgang. De nieuwe veronderstelde rendementen benaderen de werkelijkheid nauwelijks méér dan de oude 4 procent. Er is alleen een uitbreiding toegevoegd. Als je veel vermogen bezit, niet op zoek bent naar zo veel mogelijk rendement en er niet voor kiest te gaan beleggen, word je toch aangeslagen voor 5,5 procent. Op deze manier word je bijna gedwongen toch te gaan beleggen.

Ik moet nog zien dat de Belasting daadwerkelijk meer belasting op vermogen binnenhaalt. De echte grote vermogens blijven toch wel buiten schot, omdat het rendabeler wordt om juridische constructies op te zetten. De wijziging zal het verplaatsen van vermogen uit box 3 naar constructies als bv’s stimuleren. Een andere uitwijkroute kan zijn dat mensen met grotere vermogens meer gaan schenken aan hun kinderen. De wijziging lijkt ingegeven door het door links geroemde boek van Piketty. Zijn stelling is dat het rendement op vermogen hoger is bij grotere vermogens. Dit zou hoger belast moeten worden om vermogenongelijkheid tegen te gaan.

De aanpassing lijkt een tussenstap naar een nieuw stelsel. In de miljoenennota 2016 meldt het kabinet dat het heeft verkend wanneer en onder welke voorwaarden het mogelijk is om een systeem te introduceren waarbij belasting geheven wordt over het werkelijke rendement op vermogen. Op basis van deze verkenning zijn drie varianten opgesteld, maar de uitwerking daarvan laat helaas nog even op zich wachten.

Geplaatst in Belasting, Beleggen, Financieel, Vermogen | 2 reacties

Eindelijk is de Blokhypotheek er…..

Eindelijk is de Blokhypotheek er, maar dan ingebed in de starterslening. Wat wás de Blokhypotheek ook al weer? En hoe werkt de nieuwe starterslening?

Allereerst terug in de tijd. Sinds 1 januari 2013 moeten huiseigenaren hun hypotheek verplicht aflossen om van fiscale aftrek te kunnen profiteren. De aflossingsvrije hypotheek verdween. Op deze verandering kwam veel kritiek uit de markt, want het productaanbod zou daardoor verschralen.

Het toenmalige kabinet kwam – met medewerking van de SGP, de ChristenUnie en D66– in antwoord daarop met een oplossing, zonder de wet hiervoor te hoeven aanpassen. Minister Blok bedacht een hypotheekconstructie met tóch een aflossingsvrije helft: de zogeheten duohypotheek. Het idee van de constructie is dat de huizenkoper twee leningen afsluit. De eerste lening lost hij annuïtair af, de tweede –oplopende– lening gebruikt hij om de maandlasten van de eerste lening te drukken. De constructie zou het mogelijk maken voor starters om toch een huis te kopen. De schuld die in principe aftrekbaar is, wordt in deze duohypotheek toch voor minimaal de helft afgelost. Parallel ontstaat wel een nieuwe, niet aftrekbare schuld. Het rekenkundig eindresultaat was een hypotheek die voor maximaal de helft dezelfde lasten had als een aflossingsvrije hypotheek.Banknotes, keys and building blocks on drawing of house

Na lancering van het idee brak een storm van kritiek los. De markt vond het totaal ongeschikt. Met de niet-aftrekbare oplopende lening zou de starter juist heel duur uit zijn en van de regen in de drup komen. De banken vonden de hypotheek technisch complex en indruisen tegen de roep om eenvoudige financiële producten. Toch waren er ook positieve reacties. Zo creeërt de duohypotheek een synthetische vorm van aflossingsvrij, doordat de schuld vanuit box 1 verschuift naar box 3.

We zijn nu een paar jaar verder en Prinsjesdag heeft uitgewezen dat dit product de huidige starterslening gaat opvolgen. Weliswaar heet het geen Blokhypotheek, maar het principe is precies hetzelfde: twee leningen, waarvan de ene gebruikt wordt om de aflossing van de andere te betalen.

Bij het invoeren van het verplicht aflossen in 2013 werd de starterslening daarvan uitgezonderd. Aan die uitzondering komt eind dit jaar een einde. In 2017 kan de starterslening in aanvang dus niet meer aflossingsvrij worden aangeboden. De oplossing die het kabinet in zijn rol als productontwikkelaar in 2013 heeft bedacht, wordt per 2017 gebruikt voor de starterslening.

De vraag is of de kritiek op de Blokhypotheek ook geldt voor de nieuwe starterslening. Ik vind van niet. Een starterslening is een relatief kleine aanvulling op de bestaande lening. Stel: je leent 30.000 euro tegen een rente van 3,1 procent. Dan is er na drie jaar nog maar een schuld in box 3 van 1906 euro. Als na drie jaar je inkomen hoger blijkt en je de starterslening alsnog moet aflossen, stijgt de maandlast maar met 7,41 euro in vergelijking met de situatie waarin je direct afloste.

Dit neemt niet weg dat het een technische complex product is. Als je door omstandigheden de starterslening pas na vijftien jaar kunt aflossen, stijgt de maandlast met 80,52 euro en is het deel in box 3 inmiddels 11.578 euro. Hoe langer je de starterslening dus nodig hebt, hoe problematischer ze wordt.

Geplaatst in Belasting, Financieel, Hypotheek, Schuld | Een reactie plaatsen

Adopteren? Vergeet het kostenplaatje niet

In mijn omgeving ken ik verschillende mensen die nagedacht hebben over adoptie. Een kind adopteren is een ingrijpende beslissing. Ook financieel. Welke kosten zijn er eigenlijk aan zo’n adoptie verbonden?

Adoptie is er in diverse vormen. Allereerst kun je kiezen voor financiële adoptie. Het financieel geadopteerde kind blijft in zijn omgeving en kan zich in zijn eigen cultuur ontplooien en ontwikkelen. Voor een relatief klein bedrag per maand krijgt een kind eten en medische zorg en leert het schrijven en lezen.Happy interracial family is celebrating, laughing and having fun with Hispanic African American Mother, Caucasian father and ethnically ambiguous children son or daughter. Isolated on a staircase

Daarnaast is er fysieke adoptie: het kind trekt daadwerkelijk bij zijn adoptieouders in. In financieel opzicht wordt het adoptieouders bepaald niet makkelijk gemaakt. Stellen die op natuurlijke wijze een kind krijgen, krijgen bijvoorbeeld niet de vraag of zij het kunnen betalen. Stellen die willen adopteren krijgen die vraag wel. Op zich een legitieme vraag, want adoptie is niet goedkoop. Niet iedereen heeft zo’n groot bedrag direct beschikbaar. Recent hoorde ik van iemand die zijn hypotheek verhoogd had om dit te financieren. En laatst sprak ik iemand die er zelfs van afzag. Hij had zich niet gerealiseerd wat voor extra kosten er allemaal bij adoptie kwamen kijken.

Allereerst moet je je verplicht voorbereiden bij de Stichting Adoptievoorzieningen. Dit kost 1595 euro, aldus de website adoptie.nl. Deze voorbereiding bestaat uit een informatiebijeenkomst en vijf voorlichtingsbijeenkomsten. Vervolgens komen daar de kosten voor bemiddeling en reis- en verblijfkosten in het thuisland van het adoptiekind bij. Die kunnen enorm fluctueren, afhankelijk van de keuze van het land of een van de zes vergunninghouders die Nederland heeft – organisaties die bemiddelen bij adoptie van buitenlandse kinderen. Gemiddeld genomen komen deze kosten ergens tussen de 7.500 en de 30.000 euro uit. Verder kunnen er nog kosten bijkomen voor een verblijfsvergunning of het omzetten van een adoptie naar Nederlands recht. Ter vergelijking: pleegouder worden kost niets. Voor de verzorging en opvoeding van pleegkinderen krijgen pleegouders zelfs een vergoeding.

Persoonlijk vind ik de kosten vrij fors. De meeste vergunninghouders publiceren hun financieel jaarverslag. Daaruit blijkt dat sommigen het geld hard nodig hebben. Anderen boeken echter een fors resultaat of hebben forse vermogens.

Helaas zijn bovenstaande kosten niet meer aftrekbaar van het belastbaar inkomen. In het verleden kon dat wel en ook ontvingen adoptieouders toen een eenmalige tegemoetkoming in de kosten. Wel hebben adoptieouders recht op kinderbijslag. Deze gaat in vanaf het moment dat het kind in Nederland aankomt. Verder krijgen adoptieouders vier weken adoptieverlof en ontvangen zij in die periode een adoptie-uitkering.

Adoptiekinderen kunnen verzekerd worden tegen ziektekosten. In de Zorgverzekeringswet staat dat de zorgverzekeraar verplicht is om iedereen te accepteren die zich aanmeldt voor het basispakket van de zorgverzekering. Ook kinderen met medische problemen moet de zorgverzekeraar zonder meer accepteren. Daarnaast bieden sommige verzekeraars een adoptievergoeding of adoptiekraamzorg.

Het advies van de koepelorganisatie Zorgverzekeraars Nederland is om adoptiekinderen ook voor de aanvullende verzekering als eigen kinderen te beschouwen. Het verzekeren van adoptiekinderen met medische problemen op een aanvullende verzekering van de ouders levert in de praktijk dus doorgaans geen problemen op.

Hoewel het financiële aspect niet het belangrijkste is bij adoptie, is het wel noodzakelijk om dit goed in kaart te brengen.

Geplaatst in Financieel, Planning | Een reactie plaatsen

Particulier moet onderhoud erfgoed straks zelf ophoesten

Prinsjesdag is weer achter de rug en iedereen gaat erop vooruit. Dat is in ieder geval de politieke boodschap. Natuurlijk is dat niet het hele verhaal. Zo verdwijnt er vrij onverwacht een belangrijk fiscaal voordeel voor eigenaars van rijksmonumenten.

Er zijn verschillende soorten monumenten: beschermde dorps- of stadsgezichten, mobiel erfgoed en vastgoed. Ik beperk me in deze kolommen even tot vastgoed. De gemeente, de provincie en het rijk kunnen gebouwen aanwijzen als monument. En op wereldwijd niveau wijst de UNESCO onroerend goed tot werelderfgoed aan. De molens van Kinderdijk en de Van Nellefabriek in Rotterdam staan bijvoorbeeld op de Werelderfgoedlijst.

Elk monument heeft recht op diverse voordelen en regelingen. Voor bezitters van gemeentelijke monumenten maakt het nogal wat uit in welke gemeente hun vastgoed staat. De ene gemeente kan bijvoorbeeld grif laagrentende leningen verstrekken, terwijl een naburige gemeente daar niets mee doet. Op provinciaal niveau bieden alleen Noord-Holland en Drenthe regelingen voor monumentenbezitters.

Voor bezitters van rijksmonumenten zijn er laagrentende leningen. Je kunt voor een restauratie bijvoorbeeld een monumentenhypotheek afsluiten tegen een zeer lage rente. Ook zijn er subsidies voor herbestemming, renovatie en instandhouding van het monument. Deze subsidies worden overigens niet onbeperkt verstrekt. Er is een potje en als dat leeg is, is het leeg. Eigenaren van particuliere rijksmonumenten kúnnen dus onderhoudssubsidie aanvragen, maar hebben niet per se zekerheid dat ze die ook krijgen.

Wat wel altijd zeker was, waren de fiscale voordelen. Onderhoudskosten waren bijvoorbeeld voor het grootste deel aftrekbaar. Waren. Want sinds Prinsjesdag 2016 –vrij onverwacht– is bekend dat de fiscale aftrek van onderhoud aan rijksmonumenten per 1 januari 2017 stopt. De reden van de beperking is dat de regeling lastig controleerbaar is en erg foutgevoelig. Regelmatig moet de Belastingdienst correcties uitvoeren vanwege verkeerd gebruik.

hollande- veere

Er is tot eind 2018 gelukkig wel een overgangsregeling. De minister heeft beloofd dat eigenaren die voor 1 januari 2017 een “onomkeerbare financiële verplichting” zijn aangegaan voor 1 januari 2017 niet gedupeerd mogen worden. Hoe zo’n verplichting er concreet uit moet zien is nog niet vastgesteld, maar waarschijnlijk is dat zoiets als een getekende overeenkomst met een aannemer.

Wie eigenaar is van een rijksmonument en de komende tijd onderhoudskosten verwacht, doet er dus verstandig aan nog dit jaar zo’n “onomkeerbare verplichting” aan te gaan om zo in elk geval nog te kunnen profiteren van de overgangsregeling. Alles is beter dan het gehele bedrag zelf te moeten ophoesten.

Gelukkig blijven er voordelen zitten aan het kopen en houden van een monument, maar ik vind het toch erg jammer en onwenselijk dat er voor monumenten dit soort beperkingen zijn. Monumentaal erfgoed is bijzonder en van ons allemaal. Het maakt onderdeel uit van de geschiedenis van ons land. Behoud is daarom van groot belang en ik vind dat de verantwoordelijkheid voor dat behoud ligt niet slechts bij de particuliere bezitter ligt. Die is straks geneigd tot uit- of afstel van onderhoud en dat komt onze monumenten natuurlijk niet ten goede.

 

 

Geplaatst in Belasting, Financieel, Hypotheek, Kluswoning, Vermogen, woning | Een reactie plaatsen

Lenen zonder bank

Wat zou het fijn zijn om geld te lenen zonder tussenkomst van een bank. Geen last van al die regels, al die beperkingen en die uitgebreide dossiervorming. Crowdfunding lijkt een aantrekkelijk alternatief.

Crowdfunding betekent letterlijk financieren via een menigte – the crowd. Je leent geld bij een groep mensen. Iedereen geeft een beetje en al die beetjes bij elkaar zorgen voor het benodigde bedrag. Op diverse speciaal hiervoor opgezette online platforms kun je geldschieters lokken naar je project of investeren in voor jou interessante projecten. En zo op het eerste gezicht lijkt crowdfunding een slimme manier van lenen en een veilige manier van investeren.

Er zijn diverse manieren van crowdfunding: doneren, sponsoren, lenen en investeren. Ik wil het vooral over de laatste twee hebben. Doneren en sponsoren is weinig meer dan geld stoppen in een digitale collectebus. Deze handelingen vallen ook buiten het financieel toezicht. Anders is dat voor lenen en investeren. Vooral de laatste jaren is dit toezicht verscherpt en sinds juni van dit jaar valt crowdfunding formeel onder de wet financieel toezicht. Dat is de wet waar iedere financiële partij zich naar moet voegen. Crowdfunding kan dus geen manier meer zijn om de regels te ontlopen.

Kollage von Hnden mit verschiedenen Whrungen, Konzept crowdf

Voor ondernemers kan lenen via crowdfunding interessant zijn. Voor een bank kan een kredietaanvraag soms te klein zijn, terwijl hij voor investeerders juist weer aantrekkelijk is. Daarbij komt dat investeerders een andere risico-inschatting maken dan een bank. Een bank wil als het even kan risicoloos financieren, maar een groep investeerders kan hier andere keuzes in maken.

Ik betwijfel overigens of investeerders in crowdfunding wel voldoende op de hoogte zijn van de risico’s. Hoe hoger het percentage dat een investeerder krijgt, hoe sneller zij inschrijven op een aanvraag om crowdfunding. Een lening met een onderpand waar ook nog overwaarde inzit tegen 5 procent rente krijgt bijvoorbeeld maar moeizaam voet aan de grond, terwijl een startende ondernemer met een mooi plan zonder onderpand en een rente van 9 procent snel binnen is. Als je het risico meeweegt, is die lening tegen 5 procent waarschijnlijk veel rendabeler. Dit is ook een van de zorgpunten van de AFM. De sector moet een transparante risicoclassificatie hebben. Ook moet helder zijn hoe vaak het mis gaat. Er zijn wel crowdfundingswebsites die hele lage foutpercentages publiceren, maar die zeggen doorgaans niets, omdat de sites nog maar kort bestaan.

Daarnaast is het de vraag of consumenten die investeren in crowdfunding voldoende aan risicospreiding doen. Je kunt 10.000 euro in een bedrijf investeren, maar je kunt dat bedrag ook spreiden over diverse bedrijven of projecten. Je risico kun je op die manier verlagen, wat op termijn een positief effect heeft op het rendement. Verder is er dit jaar een investeerdertoets ingevoerd. Als je meer dan 500 euro investeert, moet je een toets afleggen. De toets heeft als doel om te kijken of crowdfunding past bij de consument en of hij de risico’s kan inschatten.

Wie overweegt iets te doen met crowdfunding doet er goed in na te gaan welke dienstverlening het platform biedt. Wat gebeurt er bij wanbetaling en is er sprake van een provisievergoeding? Crrowdfunding heeft namelijk een vrijstelling gekregen op het provisieverbod. Als investeerder moet je je verder realiseren dat uitstaande lening weleens niet verhandelbaar kan zijn. In dat geval staat je geld voor een vaak langere periode geblokkeerd.

Crowdfunding is een welkome aanvulling in de huidige markt, maar nog niet meer dan dat.

Geplaatst in crowdfunding, Financieel, Hypotheek, Schuld, Vermogen, woning | Een reactie plaatsen

Gekte op de huizenmarkt

De huizenmarkt staat op een kantelpunt. De kopersmarkt verandert in rap tempo in een verkopersmarkt. Hoe kan de markt zo snel omslaan en hebben we wel geleerd van de crisis?

Al enige tijd komen uit Amsterdam verhalen over huizen die zwaar boven de marktprijs van de hand gaan. Ook in andere steden komt de verkoop van huizen nu goed op gang. In Rotterdam bijvoorbeeld, waar ik met mijn kantoor actief ben. Als de buurt en het huis goed zijn, word je als koper niet meer serieus genomen als je onder de vraagprijs biedt. Er wordt vaak een inschrijving georganiseerd en degene met het beste bod krijgt de woning. Het is niet meer de vraag hoeveel je van de vraagprijs af krijgt, maar of je er wel tussen komt.

strange  interior. 3d concept

Hoe valt deze snelle omslag te verklaren? De rente is nu extreem laag en veel mensen verhuizen naar een duurdere woning tegen vergelijkbare lasten. Daarnaast is het stuwmeer van potentiële verhuizers –mensen die graag wilden verhuizen, maar dat niet konden vanwege een te hoge hypotheek of een te hoge rente–aan het leeglopen. De verkoop gaat nu harder dan er woningen bijkomen. In Amsterdam zijn er zelfs makelaars die bijna failliet gaan. De verkoopcourtages worden uitonderhandeld, want de woning wordt toch wel verkocht – desnoods zelfs zónder makelaar.

In de steden waar dit aan de gang is, wordt al gewaarschuwd voor een bubbel op de huizenmarkt die groter is dan voor de start van de crisis in 2008. Hoewel in plattelandsgebieden nog sprake kan zijn van een kopersmarkt, toont de gekte in de grote steden aan dat na jaren de verkoper weer aan zet is.

In een dergelijke markt kun je op verschillende manieren onderhandelen. Op prijs, maar ook op voorwaarden. Je kunt bijvoorbeeld de vraagprijs bieden, maar dan zonder voorbehoud van financiering. Op deze manier kun je duizenden euro’s lager bieden ten opzichte van iemand die dit niet doet. Kopen zonder voorbehoud op financiering betekent dat je óf geen financiering nodig hebt óf ervan uitgaat dat financiering lukt. Erg risicovol. Lukt de financiering inderdaad niet, dan komt dat je op een boete te staan.

Het was jarenlang gebruikelijk om eerst je huis te verkopen en daarna te kopen, maar nu durven verkopers weer eerst te kopen voor ze hun huis kwijt zijn. Ook banken gaan mee in deze trend. Voorheen moest je om de financiering rond te krijgen kunnen aantonen 2,5 jaar dubbele lasten te kunnen betalen, maar inmiddels zijn er al banken die het houden bij slechts één jaar. Er zijn de afgelopen jaren veel regels over de financiële wereld uitgestort, maar niet op dit punt. En blijkbaar is het moeilijk voor veel banken een voorzichtig beleid te handhaven als ze hier zelf het initiatief toe moeten nemen. Toch opvallend, na zo’n diepe crisis als de recente.

Uiteindelijk zal ook deze markt normaliseren. Het aanbod van de makelaar zal weer toenemen. Als de golf kopers minder wordt en tegelijkertijd ook de rente iets oploopt, dan zou de verkoop best eens kunnen afnemen. Hopelijk ben je op dat moment dan niet een van de laatste kopers en heb je je huis nog niet verkocht. De doorlooptijden zullen langer worden en de prijzen mogelijk licht dalen. Probeer tot die tijd het hoofd koel te houden en laat je niet gek maken.

Geplaatst in Financieel, Vermogen, woning | Een reactie plaatsen